Auteur Archief

Poseidon – Hans Warren

maandag, 6 december 2010

Op de zijgevel van Restaurantje Nummer 7 in Middelburg is het gedicht Poseidon van de in 2001 overleden Zeeuwse schrijver en dichter Hans Warren officieel onthuld op 30 oktober 2010. Het is het zesde gedicht in de serie ‘Sprekende Gevels’. Het project van de werkgroep poëzie van de Stichting Kunst- en Cultuurroute is vorig jaar juli begonnen. Het doel is om blinde muren en gevels en andere verrassende plaatsen te verfraaien met gedichten. Het thema is ‘zee en land’ en de werkgroep wil in totaal zo’n 25 gedichten in de stad plaatsen.

Vanuit historisch oogpunt is het plaatsen van het gedicht Poseidon op de hoek Brakstraat en Rotterdamsekaai een mooie keuze. Een straat tegenover het Prins Hendrikdok. Hier was oorspronkelijk de oude getijdehaven van Middelburg. Via het riviertje de Arne was er tot 1535 een open verbinding met de Noordzee, eb en vloed hoorden erbij.

POSEIDON
Ik, die aan zee geboren ben,
wil nog graag geloven, machtige Poseidon,
dat de zee onze eilanden draagt.
In de zoute wellen, diep in ’t land
offeren we, ook al wordt daar onze roeispaan
nog niet voor schepel aangezien,
en als je woedt, Poseidon Asphalios,
vastgegronde, wanneer de aarde steunt,
de golven koken, dan sidderen wij radeloos.
Bergen komen en gaan, een krater gaapt
daar waar je heiligdom verrees –
maar in de prille parelmoeren morgen
na het geweld, staat daar
onstuimig hinnikend je zoon,
het vleugelpaard Pegasos klaar.

De schrijver en dichter Hans Warren werd altijd geïnspireerd door de Oudheid en door Griekenland, zozeer dat hij al vroeg in zijn loopbaan werd afgeschilderd als ‘een Griekse God in het Zeeuwse landschap’.
In 1973 publiceerde hij een dichtbundel De Olympos’, met gedichten over de twaalf grote goden en godinnen van de Olympos. Hij wilde bewijzen dat de Griekse goden ook nu nog leven. In Middelburg kunnen voorbijgangers het gedicht Poseidon, als eerbetoon, lezen op de muur in de Brakstraat en kan men mijmeren over goden, zee en land, stormen en kabbelende golfjes, worstelen en bovenkomen. Poseidon is een gedicht dat wel wat toelichting mag hebben.

Poseidon, zijn Romeinse naam is Neptunus, was de grote zeegod die heerste over alle wateren en zeeën op aarde. Samen met Zeus en de andere goden verbleef hij op de berg Olympos, al was hij meestal te vinden in zijn schitterende onderzeese paleis en kwam hij voornamelijk naar de Olympos om met de andere goden te vergaderen.

De naam Asphalios (gever van veiligheid) is één van de vele ‘functienamen’ of bijnamen die aan Poseidon werd gegeven, een andere naam is Hippios (god van de paarden). Behalve god van de zee was Poseidon ook de vader van de eerste paarden, zoals het ontembaar geachte gevleugelde paard Pegasos. Ook is hij de verwekker van aardbevingen, de ’aardschudder’, de veroorzaker van vloedgolven en zeestormen. Daarnaast houdt hij de aarde weer vast in zijn stevige armen en draagt hij haar.
Deze geduchte en grillige zeegod, die zeker door zeelieden te vriend gehouden moest worden, werd in de hele Romeinse en Griekse wereld vereerd.
Zijn beroemdste tempel, de Poseidon-tempel van Sounion, in 1976 bezocht door Hans Warren, in 2010 bezocht door mijn dochter Femke, leerlinge van ‘De Nehalennia’, staat afgebeeld op honderden affiches van het Griekse verkeersbureau.

In het gedicht Poseidon is het thema zee en land mooi verweven. De zoute wellen verwijst naar het feit dat Poseidon niet alleen de zee maar ook de rivieren, beken en bronnen beheerde, hij zou de bron op de Acropolis geslagen hebben.

De tegenstelling roeispaan en schepel is mooi, Hans Warren koos dit beeld omdat het gelijkuitziende voorwerpen zijn, grote graanschepels en roeispanen hebben ongeveer dezelfde vorm gehad. De schepel is een platte houten schop met lange steel om graan en aardappelen mee te scheppen of ‘om’ te zetten.

Poseidon werd veelvuldig afgebeeld, als een imposante figuur met een volle baard en een drietand die de cyclopen voor hem hadden vervaardigd. De drietand draagt hij altijd als een teken van zijn waardigheid in zijn hand. Met dit wapen, de vork met drie tanden, bedoeld ook om vissen te spietsen, deed hij de zee hoog opgolven of bracht hij die tot rust, beroerde hij de aarde en verbrijzelde hij rotsen. Wraakzuchtig was hij ook: dan sidderen wij radeloos.

De tekst eindigt met Pegasos, dit gevleugelde paard brengt een nieuw element in het gedicht. Hij overstijgt land en zee, terwijl Poseidon juist aan land en zee gebonden is. Het licht en de hogere hemelse machten hebben het donker en de aardse machten overwonnen. Pegasos staat klaar om de wagen van Eos, de dageraad, te gaan trekken, er breekt immers een nieuwe dag aan.

Hans Warren was niet alleen een kenner van de goden, hij was ook een onstuimig liefhebber van het voedsel van de goden: de vruchten van de zee.
Dat maakt de keuze voor het plaatsen van Poseidon op de zijgevel van Restaurantje Nummer 7 wel heel apart. In Geheim dagboek 1996-1998 lezen we dat hij op 14 september 1996 zelfs gegeten heeft bij No.7. Op deze dag werd in de Zeeuwse Bibliotheek de tentoonstelling geopend vanwege zijn vijfenzeventigste verjaardag. Bij de voorbereiding en opening van deze tentoonstelling waren veel medewerkers van de bibliotheek betrokken, Ronald Rijkse was de eerste spreker! Na afloop ging Hans Warren uit eten met vrienden waaronder Gerrit Komrij en Tom Lanoye.
Ik wil de goden niet verzoeken maar ik denk dat dit Hans Warren wel gelukkig had gestemd, het weten dat zijn Poseidon in Middelburg aan de gevel omgeven zou zijn door de geuren van zeevruchten, zoals coquilles, kreeft en Noordzeekrab. Misschien prikt hij zelfs een vorkje mee?
En Poseidon? Zaterdag 7 november leek het of de goden een spel speelden met de elementen. Aan de kust ontstonden plotselinge buien, bij de Brakstraat bleef het zonnig en droog. Maar… wanneer een schip te water wordt gelaten wordt het gedoopt met een fles champagne voordat het dok verlaten wordt. Niemand weet waar die middag de windvlaag vandaan kwam die de champagneglazen zachtjes optilde en zo ook hier een doop volbracht.
Volgens mij heeft Hans Warren zo bewezen dat de goden nog wervelend aanwezig zijn en zorgen zij in de toekomst voor meer beweging in Middelburg.

Poseidon is door zijn macht ook beschermheer van schepen en vissers. Oost, west, thuis, best… Alle zeelieden een behouden vaart toegewenst!

Anke Nijsse, medewerker Onderwijsbibliotheekdienst

Dank aan Thea Everaers, Ed de Graaf en Mario Molegraaf.

Bronvermelding:
Over ‘De Olympos’ van Hans Warren, Jos Versteegen, 1982
Verzamelde gedichten, Hans Warren, 2002
Foto’s: Anke Nijsse
Gedicht Poseidon, Brakstraat 2010
Rotterdamsekaai, scheepsmasten van De Stortemelk, achtergrond de Oostkerk, 2007

Temptation & Contemplation

donderdag, 2 december 2010

De Zeeuwse Bibliotheek heeft een bijzondere duo-expositie in huis van de kunstenaars Juul Kortekaas en haar dochter Lys Vosselman, getiteld Temptation & Contemplation.

Flirt met kraai

Het souterrain ademt een ontspannen en serene sfeer. Dierengeluiden uit het bos en het geruis van water uit een opvallende bloemvormige fontein. Hierdoor ontstaat er een gevoel van rust en eenheid in de ruimte.

Fontein2

De glanzende stalen objecten, alsook de schilderijen met bloemen van Juul Kortekaas gaan uitstekend samen met de sprookjesachtige, bijna magische schilderijen van Lys Vosselman.

Juul Kortekaas (1950) woont en werkt in Middelburg. In 1973 is zij afgestudeerd aan de Koninklijke Academie voor Kunst & Vormgeving in Den Bosch. Naast schilderijen en werken in lood en roestvast staal legt zij zich ook toe op poëzie. In haar werk zoekt zij de synthese tussen mens en bloem. Ze tracht de bestendigheid en het mysterie van blad en bloem over de grens van de vanzelfsprekendheid heen te tillen.

Lys Vosselman (1979) woont en werkt in Arnhem. Zij studeerde in 2003 af aan de afdeling Vrije Kunst van ArtEZ in Arnhem. Met haar schilderijen staat zij in de traditie van symbolistische schilderkunst. Zij schildert met een verfijnde techniek laag over laag met olieverf en eitempera. De symbolen uit het droomleven, sprookjes, sagen en mythologieën vormen een onuitputtelijke bron van inspiratie en zijn het uitgangspunt voor haar schilderijen.

Omroep Zeeland heeft een filmpje gemaakt waarin de kunstenaars vertellen over hun werk voor deze duo-expositie: Filmpje Omroep Zeeland.

Nog tot en met zaterdag 4 december te bekijken in de expositieruimte (souterrain) van de Zeeuwse Bibliotheek. De toegang is gratis.

Machteld Berghauser Pont, Communicatie

Bronnen: Omroep Zeeland, lysvosselman.com, juulkortekaas.nl

Maand van de Muziek

vrijdag, 29 oktober 2010

vanbeethoventotblofDe bibliotheek heeft veel meer te bieden dan alleen boeken. Zo hebben de gezamenlijke Zeeuwse bibliotheken ook een uitgebreide en brede muziekcollectie. Daarom organiseren zij in november de Maand van de Muziek. In de verschillende bibliotheken worden concerten, vinylmarkten en een on line muziekquiz georganiseerd.

In de Zeeuwse Bibliotheek in Middelburg is op zaterdag 30 oktober van 10.00 tot 16.00 uur een vinylmarkt op het Plein. Voor de liefhebbers worden LP’s en singles, van klassiek tot pop, gedraaid en te koop aangeboden. Waaronder die uit de collectie van de voormalige LP winkel Spin. Ook is er een speciale muziekapplicatie te bekijken op de multitouch tafel.

Bibliotheek Terneuzen houdt op 5 november van 10.00 tot 20.00 uur een vinylmarkt waar ook platen geruild en ingebracht kunnen worden. Op zaterdag 13 november is er van 11.00 tot 16.00 uur in Bibliotheek ‘t Spui in Vlissingen een vinylmarkt die wordt omlijst met optredens van verschillende ensembles van de Zeeuwse Muziekschool

Tot 30 november kan iedereen van 12 jaar en ouder via de websites van de Zeeuwse bibliotheken deel nemen aan de Zeeuwse Muziekquiz. De winnaar ontvangt een Ipod Shuffle van 4 Gb. Op de websites van de bibliotheken wordt in de eerste week van december bekend gemaakt wie de gelukkige is.

Machteld Berghauser Pont, Communicatie

Culturele Informatiemarkt 2010

maandag, 6 september 2010

Op zaterdag 11 september wordt de jaarlijkse Culturele Informatiemarkt gehouden in de Zeeuwse Bibliotheek. Het is een kleine Zeeuwse versie van de Uitmarkt. Vrijwel alle culturele- en educatieve organisaties op Walcheren zijn hier vertegenwoordigd.

kraam4

Er zijn doorlopend (muzikale) optredens en presentaties, zowel binnen als buiten. Ook kunnen bezoekers meedoen aan enkele workshops en wordt er een proefles yoga aangeboden. Dé manier om voor het komende seizoen te bepalen welke activiteit of cursus u wilt volgen.

Dit jaar is er voor het eerst gelijktijdig een boekverkoop van afgeschreven bibliotheekboeken op het Plein. Voor elk wat wils dus. En dat is nog niet alles, want op iedere etage van de Zeeuwse Bibliotheek is wel iets te doen.

Op de eerste verdieping hangen 79 foto’s van Zeeuwse fotoclubs die meededen aan de Zeeuwse Fotosalon 2010. Hiernaast is het onlangs gerealiseerde Infoplein, waar informatie van non-profitorganisaties is te vinden.

In het Zeeuws Documentatiecentrum op de tweede verdieping is een expositie ingericht met foto’s van de Zeeuwse Kustmarathon 2009, gemaakt door Dennis Wisse.

Kom gerust langs op 11 september en proef het nieuwe seizoen!

Machteld Berghauser Pont, communicatie

Ma Bellamy

donderdag, 5 augustus 2010

3ec94145-c2da-4111-997e-86ee7e1c3097_1192456768252-bellamyweb

Op Walcheren is de naam Bellamy vooral bekend door het Bellamypark. Toen ik via Google zocht met de woorden: Bellamy Wikipedia  kreeg ik niet onze Bellamy, maar de voetballer Craig Bellamy uit Wales op mijn scherm. Ook Edward Bellamy moet een bekende schrijver zijn in Amerika en Matthew een musicus.

Voor de Vlissingse Bellamy moet ik dus Jacobus Bellamy in Wikipedia intypen. De informatie die daarin staat is vrij beknopt. De site van Literatuurgeschiedenis uit de achttiende eeuw geeft een beter beeld van de persoon en zijn belang voor de Nederlandse letteren.

Waarom een blog over Bellamy? In de handschriften van de Zeeuwse Bibliotheek zit een grote collectie brieven van Bellamy. Ze zijn ofwel door hem geschreven of aan hem gericht. Het zijn soms humoristische, soms droefgeestige brieven, bedelbrieven om geld, verzoeken om gedichten te publiceren en vriendschappelijke brieven.  Zelf schrijft hij: “gekke” brieven, “zottissisme” aan zijn vrienden zijn er om zijn “verstandige brieven in een helder licht te plaatsen” en, voegt hij er “heel zagtjes” aan toe: die gekheid is nog zoo extra gek niet!  Het luimige, vrolijke noemt hij voor zichzelf even noodzakelijk als springen en lopen. Een veiligheidsklep. Vaak is er een grote “somberheid” in hem, “pijn in zijn ziel” noemt hij het. “De ondragelijkste, afmattendste soort van pijnen die er in dit jammerdal bekend zijn”.  Een selectie van zijn gedichten is te vinden via de site  gedichten.nl

Terug naar zijn brieven. Die zijn voor een groot deel te lezen in de twee dikke pillen van J. Aleida Nijland. Zij schetst het ‘Leven en werken van Jacobus Bellamy’ aan de hand van zijn brieven en gedichten. In 1779 schrijft hij een verslag over het stranden van het schip de Woestduin aan Gabriel Manne.

In 1782 vertrekt hij naar Utrecht en schrijft hij naar zijn geliefde moeder, naar Ds. Broes, naar vrienden en via vrienden naar zijn geliefde Fransje.  Grappig zijn de tekeningetjes die hij soms maakt, zoals die keer dat hij bij een pruikenmaker was en zichzelf met pruik weergaf. Meestal zet hij zijn eigen naam onder de brieven als is dat dan vaak Bellami met een i en geen y. Verder gebruikt hij het pseudoniem Zelandus.

Jacobus Bellamy is niet oud geworden. Tijdens de strenge winter van 1786 vat hij kou en schrijft hij zijn laatste, bijna onleesbare brief: “heele nagten verschriklijk hoesten, zonder dat er iets voor de dag komt. De Dr. begrijpt niet hoe ik het uihou en ik ook niet”. Op 11 maart overlijdt hij, zijn vrienden Jan Hinlopen en Willem Carp waakten bij hem. Tijdens een plechtige begrafenis wordt hij in Utrecht in de St. Nikolaaskerk begraven. Er verschijnen verschillende gelegenheidsgedichten over Bellamy na zijn verscheiden.

In 1793 en 1794 schrijft Jan Willem van Sonsbeeck brieven naar Jan Hinlopen, Wilhelmus Carp en anderen met de vraag om gegevens over Bellamy. Een biografie schrijven lukt hem niet. Ook doet hij een pleidooi om de brieven van Bellamy bij elkaar te brengen. Blijkbaar is dat wel gelukt,want een latere neef van hem schenkt in 1854 de Bellamiana aan het Zeeuwsch Genootschap. En wij beschrijven die brieven zodat er weer onderzoek gedaan kan worden naar de literaire en politieke waarde van onze Bellamy.

En al mijmerend over Bellamy zit voortdurend het liedje Ma belle amie in mijn hoofd …

Cocky Klaver, Zeeuws Documentatiecentrum

Muzikaal bijzonder : Vrouwen in de muziek

woensdag, 21 juli 2010

In de Schatkamervitrine vinden we deze zomer handschriften en vroege uitgaven van Nederlandse vrouwelijke componisten rond 1900. De emancipatie speelde een belangrijke rol bij het naar buiten treden van deze vrouwen. Niet langer tevreden met optredens tussen de salondeuren, begaven zij zich stapsgewijs richting het concertpodium. Een logische tussenstap hierbij is het gebied van het lied en met name kinderliedjes. Een aantal van deze kinderliedjes is omarmd door het grotere publiek en heeft zijn weg gevonden in het bekende Nederlandse repertoire. In de bundel ‘Kun je nog zingen, zing dan mee’, voor het eerst gedrukt in 1908, vinden we een aantal bekende namen terug: o.a. Catharina van Rennes en Hendrika van Tussenbroek.

De rol van vrouwen in het Nederlandse muziekleven was in de 19de eeuw beperkt. Behalve op het gebied van zang, kregen niet veel vrouwen de kans zich als professioneel musica te profileren.
Vrouwen droegen in de eerste plaats de verantwoordelijkheid voor het huishouden en de opvoeding van de kinderen. Op het gebied van de kunsten kon een vrouw zich slechts als liefhebster ontplooien en werden de resultaten van haar inspanning vaak enigszins geringschattend terzijde geschoven.

In de eeuw die achter ons ligt, is het proces dat begon met bescheiden kinderliedjes en pianocomposities voor uitvoering in besloten kring, voortgezet. Anno 2010 is de inhaalslag nog niet voorbij, maar we horen wel steeds meer muziek van vrouwelijke componisten op het concertpodium.

Een korte schets over de vrouwelijke componisten waarvan muziekwerken te zien zijn in de schatkamervitrine:

Hendrika van Tussenbroek
hendrika van tussenbroek

Hendrika van Tussenbroek werd geboren in Utrecht op 2 december 1854 en is gestorven op 21 juni 1936 te Doorn. Zij studeerde in Utrecht bij Richard Hol en Johan Wagenaar en richtte in Utrecht -en later ook in Amsterdam- een eigen zangschool op. Van Tussenbroek componeerde voornamelijk kinderliederen en kindercantates, die voor de muzikale vorming van het kind van grote waarde waren. In zoverre was zij een ‘kunstzuster’ van Catharina van Rennes. Hendrika van Tussenbroek en Catherina van Rennes waren vriendinnen van elkaar. De liederen van Hendrika hebben vaak een zangpedagogische strekking, ze munten uit door een fijne, ranke melodie. Een van de mooie zangjuweeltjes zijn de ‘Fabels van La Fontaine’ waaronder het lied ‘De krekel en de mier’ .

Catharina van Rennes
Catharina van Rennes foto

Catharina van Rennes werd geboren op 2 augustus 1858 in Utrecht en is gestorven op 23 november 1940 te Amsterdam. Zij heeft haar opleiding gevolgd bij Richard Hol, Johannes Messchaert en Th. L. van der Wurff.
Bij Van der Wurff slaagde zij voor klavierspelsolo in 1883 en in 1884 voor solozang en zangonderwijs. Daarna had zij een carriere als zangeres waarbij ze solo’s zong in werken van Robert Schumann.
In 1887 stichtte zij in Utrecht haar eigen zangschool voor kinderen, ‘Bel Canto’, die in verschillende steden dependances kreeg.
Catharina ontwikkelde een eigen onderwijsmethode voor kinderen. Tot haar leerlingen behoorden prinses Juliana en Jo Vincent.
Haar composities bestaan voor een groot deel uit een-, twee- en meerstemmige kinderliederen met pianobegeleiding. Met haar opgewekte en vaak humoristische liedjes doorbrak ze de toen overheersende overtuiging dat een kinderlied in de eerste plaats braaf en moralistisch moest zijn. Een van haar bekendste kinderliedjes is: ‘Drie kleine kleutertjes die zaten op een hek’.

Henriëtta Jacoba Witsen werd in 1875 in Amsterdam geboren als telg uit de bekende Witsen dynastie. Zij bezocht de HBS in Haarlem en trouwde in 1898 met de uit Middelburg afkomstige Bonifacius de Jonge van Campens Nieuwland.
In 1906 verliet Henriëtta haar man en drie kinderen en in 1909 werd de scheiding uitgesproken. Van 1913 tot 1922 was zij getrouwd met de Rotterdamse autohandelaar Pieter Overgauw. In die periode deed zij eindexamen piano aan het Conservatorium van Berlijn. Na haar tweede scheiding woonde zij een tijd in bij haar vader in Amsterdam.Van 1946 tot 1959 leefde zij op Walcheren, afwisselend in Oostkapelle en Domburg. Haar composities, vooral pianowerken en liederen, waarvan een aantal tijdens haar leven in druk is verschenen als opus 1 t/m 4, zijn duidelijk beïnvloed door de muziek van Schumann en Chopin.

Anna van der Mieden van Opmeer
Vermoedelijk betreft het hier Agnes Anna van der Mieden, geboren te Middelburg op 20 april 1843, en gestorven op 24 februari 1934 te Oostkapelle. In de archieven van Toonkunstkoor Zeist, een van de oudste koren in Nederland, vinden we in het programma van het concert op 7 april 1908 haar naam tussen de solisten: Jonkvr. A. van der Mieden van Opmeer, sopraan. Bij die gelegenheid werd o.a. uitgevoerd: ‘Die wilden Schwäne’ – Reinecke, en van L.F. Brandts Buys: ‘Das Singenthal’.

Deze expositie in de schatkamervitrine bevindt zich op de eerste etage van de Zeeuwse Bibliotheek en is nog te bewonderen tot en met 21 augustus.

Els van de Wijdeven en Rea Bensch, muziekafdeling

De Althaea Pers

maandag, 19 juli 2010

Tot en met 4 september is er in de expositieruimte van de Zeeuwse Bibliotheek een overzichtstentoonstelling met werk van Jos Swiers, getiteld De Althaea Pers 1997-2010: Dubbelslag.

Althaea

De Althaea Pers is een private, niet commerciële drukkerij en uitgeverij van hoofdzakelijk bibliofiele uitgaven in een beperkte oplage. In augustus 1997 door Jos Swiers uit Den Haag opgestart. Hij kiest bewust niet voor het vanouds ambachtelijke hoogdruk – zetwerk in lood en een daarbij behorende drukpers – maar maakt gebruik van de computer en een hoogwaardige laserprinter. Bovendien legt hij zichzelf een aantal beperkingen op: tekst alleen in een tekstverwerkingsprogramma en geen gebruik van (tekst)kleur.

Swiers maakt daarbij in toenemende mate ook gebruik van de bijdragen door kunstenaars, drukkers, vormgevers, fotografen en boekbinders. Het grote aantal uitgaven met werk van en over Anneke Brassinga, Constantijn Huygens, J.H. Leopold, Johan Breuker en Theo Gootjes en de jaarlijkse uitgave ter gelegenheid van koppermaandag zijn daar zichtbare voorbeelden van.

Zijn liefde voor het gedrukte boek en zijn eigen verzamelingen vormen in veel gevallen de bron of aanleiding voor een uitgave. Typerend voor uitgaven van De Althaea Pers is dat ze – op een enkele uitzondering na – niet voor de verkoop bestemd zijn. Dat heeft te maken met het karakter van vrijwel alle publicaties: het zijn gelegenheidsuitgaven die speciaal voor één persoon worden gemaakt.

Tot op de dag van vandaag zijn er 142 uitgaven verschenen. De bibliografie is integraal opgenomen op de website van de Althaea Pers.

Althaeapers

De expositie is op 2 juli 2010 geopend door Ronald Rijkse (conservator Oude Drukken en Bijzondere Collecties Zeeuwse Bibliotheek), Gerard Post van der Molen (margedrukker bij De Ammoniet) en Jos Swiers. Hij presenteerde de speciaal voor deze gelegenheid gemaakte uitgave (nr. 141) Dubbelslag Verrassend toeval. Toevallige verrassing. Met daarin een bijdrage van Ronald Rijkse en hemzelf.

Ronald Rijkse heeft deze bijzondere expositie met Jos Swiers samengesteld. Het is de laatste tentoonstelling van Rijkse in de Zeeuwse Bibliotheek, want in het najaar gaat hij met pensioen. Dubbel de moeite waard om te bekijken dus.

Machteld Berghauser Pont, communicatie

Uit Zweden

maandag, 5 juli 2010

Op reis in het buitenland ga ik uit aardigheid wel eens een bibliotheek binnen. In juni van dit jaar bracht ik drie weken in Zweden door. Dat kwam deze keer toevallig op gemiddeld één bibliotheek per week neer. Ik ben in twee openbare bibliotheken geweest en een universiteitsbibliotheek. Een ontspannen indruk.

simrishamn

Bibliotheek ‘Valfisken’

De eerste was de openbare bibliotheek ‘Valfisken’ in Simrishamn. Dat ligt op de uiterste zuidoostelijke punt van Zweden, aan de Oostzee. Het is een plaats ongeveer zo groot als Yerseke (en met dezelfde zeelucht). Ik dacht dat ik de eerste Marinus Bierens ooit in Simrishamn was, maar wat bleek: mijn grootvader met dezelfde naam was mij daar al zestig jaar geleden voorgegaan op een agrarische studiereis.

Zoals gebruikelijk in Scandinavië, is de bibliotheek onderdeel van een ‘cultuurhuis’ dat onderdak biedt aan meerdere culturele instellingen. Bij binnenkomst zie je meteen wat je in Zweden verwacht: de nieuwste detectives van eigen bodem. Iets verderop hebben ze een apart gedeelte voor regionale geschiedenis. Opvallend is ook een informatiepunt over de Europese Unie.

Er zijn minder werkplekken met computers dan je in een vooruitstrevend noordelijk land verwachten zou. In ieder geval geen gamezone. Wel behaaglijke plekken voor iedereen om lekker te zitten lezen. Het plaatsingssysteem van de boeken en andere materialen is op basis van korte nummers. Op de etiketten staan niet de eerste vier letters van het hoofdwoord, dus wordt het aan de lener zelf overgelaten om de goede plank te vinden. Zeker bij het wegzetten moet je daar toch wel goed op de achternaam van de schrijver letten, denk ik. De website is enkel in het Zweeds.

gavle

Stadsbibliotheek ‘Gefle Vapen’

Het middelgrote Gävle

Veel noordelijker aan de Oostzee, of eigenlijk is het al aan de Botnische Golf, ligt Gävle (uitspreken als jaevle). Aan de overkant van het water moet Finland liggen. De stad is van het formaat Roosendaal. De stadsbibliotheek ‘Gefle Vapen’ is van het formaat Zeeuwse Bibliotheek Plus, zou ik zeggen. Ze is gevestigd in een modern pand aan de rand van een 18e eeuwse wijk. Veel binnensteden in Zweden zijn verloren gegaan door branden. Dat heb je in een land waar eeuwen lang vooral van hout gebouwd werd. Maar in Gävle is een aantal straten met houten huizen in pasteltinten bewaard gebleven.

De open opstelling doet zeker niet onder voor de Zeeuwse Bibliotheek. Wat er vooral opvalt, is dat de kasten zo heerlijk vol zijn. Saneren? Pas wanneer de kasten uitpuilen, gaan we eens kijken wat misschien weg kan. Als boeken een beetje slijten, wil dat zeggen dat de mensen ze graag lezen. Dus dan laat je ze juist staan! Zo lijken ze te redeneren. In de collectie valt op hoeveel leesboeken ze in vreemde talen hebben. Niet alleen Fins en Engels, maar alle talen waar asielzoekers en andere ‘medezweden’ vandaan komen. Bijvoorbeeld heel veel Arabisch, Perzisch en Russisch. Er staan zelfs welgeteld vier Nederlandse romans, waaronder niemand minder dan goeie ouwe Mien van ’t Sant!

Wij waren er op zondag, en dan zijn ze enkele uren open. De collectie muziek is een wat we noemen ‘speerpunt’ van deze bibliotheek. Wat ook op de Zeeuwse Bibliotheek lijkt, is het doe-het-zelf systeem bij uitlenen en innemen. En links voorbij de ingang heeft deze stadsbibliotheek eveneens een leescafé, met een wat ruimere sortering dan bij ons. Bovendien heeft het café een heus buitenterras. De website is ook hier alleen in het Zweeds gesteld.

uppsalaZilveren bijbel

Grandeur van Uppsala

Van een grandioos kaliber is de universiteitsbibliotheek van Uppsala. In deze stad ontwierp de 18e eeuwse geleerde Carl von Linné (in Latijnse vorm Carolus Linnaeus) een indeling voor het plantenrijk die nog altijd geldig is. Uppsala was in de oudheid het politiek, cultureel en godsdienstig hart van de Zweedse natie. Vandaar dat hier in de late middeleeuwen een universiteit opgericht werd.

De bibliotheek ‘Carolina Rediviva’ is ondergebracht in een 19e eeuws pand bovenaan een heuvel met uitzicht op de dom en universiteitsgebouwen. Om binnen te gaan moet je lid zijn. Maar naast de hoofdingang is wel een permanente tentoonstellingsruimte ingericht. Met, vanzelfsprekend, de hoogtepunten uit de collectie. Waren Simrishamn en Gävle voor ons nog te bevatten, op de universiteit kom je natuurlijk in een andere wereld. Kleitabletten, Egyptische papyri, verluchte handschriften, de oudste Zweedse drukwerken in het Latijn en in het Zweeds…

Absolute topper is de ‘zilveren bijbel’ uit het begin van de zesde eeuw. Het is een vrijwel ongeschonden exemplaar van de vier evangeliën in de Gotische taal. Op dun purperkleurig perkament zijn de letters met zilverhoudende inkt opgetekend, vandaar de naam. Een eeuw tevoren was de tekst in het Gotisch vertaald. Tijdens de grote volksverhuizingen was een deel van de Goten, voor het andere deel woonachtig in het zuiden van Zweden en het nog steeds zo genoemde eiland Gotland in de Oostzee, in Oost-Europa terecht gekomen. Daar splitsten ze zich weer tussen Oost- en West-Goten. De Oost-Goten veroverden Italië. Hun koning Theoderik, die in Ravenna woonde, gaf opdracht voor dit handschrift. Het was vermoedelijk zijn persoonlijk exemplaar.

In de 16e eeuw bevond het evangelieboek zich in het bezit van de Oostenrijkse keizers. Zij hadden een grote bibliotheek in Praag. Aan het einde van de dertigjarige oorlog, in 1648, namen Zweedse troepen Praag in en namen de boekenschat mee naar hun land. Zonder te weten wat ze precies bij zich hadden, brachten ze zo het Gotische evangelie thuis in Zweden, de hedendaagse erfgenaam van de Gotische natie. Nu ligt het boek permanent te kijk in een spaarzaam -maar stemmig- verlichte vitrine.

De  universiteitsbibliotheek heeft ook een website. Met een kleine virtuele tentoonstelling. Rechts bovenaan is een knop waarmee je de taal op Engels kunt zetten. Als conservator van de bescheiden Zeeuwse collectie kwam ik toch wel een beetje beduusd naar buiten …

Eenmaal terug in Middelburg, werd ik verrast door het zomerthema ‘Scandinavië’. Terwijl ik alle Zweedse bossen afgezocht had op trollen, maar er geen gevonden had, lachten ze me vrolijk toe in vitrines op de begane grond van de bibliotheek. Maar deze zijn niet echt. Want hoe herken je echte trollen? Je kunt ze meestal niet eens zien, maar alleen ruiken. Ze stinken namelijk ontzettend. En ik kan het toch wel weten, gelooft u mij.

Marinus Bierens, vakreferent & coördinator catalogus Zeeuws Documentatiecentrum

 

E-books: snelle groei

dinsdag, 22 juni 2010

Veel bibliotheken experimenteren met nieuwe mogelijkheden van e-books, zowel op het gebied van de beschikbaarstelling van de inhoud als ook de e-readers waarmee de inhoud kan worden gelezen.

Aan apparaten geen gebrek. Kiezen voor de juiste e-reader wordt steeds moeilijker. De website eReaders.nl geeft de mogelijkheid om de verschillende leesapparaten met elkaar te vergelijken. Er zijn grote verschillen in de mogelijkheden van e-readers. De meeste e-readers maken gebruik van eInk-technologie – elektronisch papier – wat het lezen vanaf het scherm wat makkelijker maakt. Bovendien heeft de batterij een langere gebruiksduur.

Met de aanstaande verkoop van de iPad in Nederland (juli) zal het gebruik van e-books waarschijnlijk sterker gaan toenemen. Intussen zijn er al 2 miljoen exemplaren van verkocht. De iPad wijkt af van andere e-readers door het gebruik van LED in plaats van elektronische inkt. Een voordeel is dat de iPad multifunctioneel is. Naast het lezen met het programma iBooks is ook tekstverwerking, mailen, twitteren en hyven mogelijk. In feite is de iPad een tablet-pc gebaseerd op de mogelijkheden van de iPhone.

iPad

Een aantal boekwinkels verkoopt intussen zowel e-readers als ook de e-books zelf. Nederlandstalige content komt steeds meer beschikbaar. Belangrijk is wel dat ook schrijvers overtuigd raken van de mogelijkheden van de e-reader. Het is ook in hun belang dat de uitgegeven boeken voor het publiek elektronisch beschikbaar komen tegen een fatsoenlijke prijs voor de consument. De markt voor e-books is een groeimarkt waarbij de uitkomsten van ontwikkeling zich moeilijk laten voorspellen. Het lijkt een goed moment voor openbare bibliotheken om aan deze ontwikkeling deel te nemen en e-books te introduceren voor brede doelgroepen.

Volgens de laatste cijfers zijn er in de eerste vier maanden van 2010 bijna 100.000 e-books en in de afgelopen acht maanden 50.000 e-readers verkocht. Dit blijft weinig als je dit vergelijkt met het aantal gedrukte boeken van 14,5 miljoen in het eerste kwartaal. Maar de groei is onmiskenbaar. Sony heeft intussen voorspeld dat e-books over 5 jaar de verkoop van gedrukte boeken zal evenaren.

Er zijn een paar websites waar je gratis e-books kan downloaden. Van deze boeken is meestal het auteursrecht verlopen of heeft de auteur erin toegestemd om af te zien van zijn/haar auteursrecht. Voorbeelden van dergelijke sites zijn: Google Books en Project Gutenberg. Bij deze laatste zijn 32.000 titels gratis beschikbaar waaronder veel klassiekers zoals Alice in Wonderland (no. 1 van de top 100). Voor de liefhebbers is ook Frankenstein van Mary Shelley verkrijgbaar.

E-books worden in verschillende formaten beschikbaar gesteld. Standaardisatie blijkt bij technologische vernieuwing een lastig probleem te zijn. Het meest gangbare formaat is epub (electronic publication). Dit wordt steeds populairder omdat het een open formaat is en makkelijk te gebruiken door uitgevers. Daarnaast is ook pdf een belangrijk formaat.

calibre

Voor veel gebruikers is Calibre, een e-book manager, een handig programma om je eigen collectie e-books te beheren. Calibre is verkrijgbaar in een Windows, Macosx of Linux versie en is open source, dus gratis beschikbaar. Een van de aardige kenmerken is dat je een e-book kunt aanpassen aan het gewenste formaat. Dus pdf kun je omzetten in epub of omgekeerd. Calibre is geschikt voor alle gangbare typen e-readers. Er is een goede viewer ingebouwd en desgewenst kun je Calibre gebruiken om boeken op je PC te lezen.

Cees de Blaaij, vakreferent sociale wetenschappen, filosofie, economie en geschiedenis

Naschrift redactie:
Vanaf 1 januari 2015 is het lenen van E-readers bij de Zeeuwse Bibliotheek niet meer mogelijk. Wij stoppen hiermee vanwege het teruggelopen aantal uitleningen van deze apparaten.

Het bombardement op Middelburg

donderdag, 6 mei 2010

Tussen de Zeeuwse Bibliotheek en het bombardement op Middelburg zitten veel ‘links’. De belangrijkste en meest ingrijpende is de teloorgang van het mooie pand van de Provinciale Bibliotheek aan de Lange Delft en de brand- en waterschade aan boeken en handschriften.

Een afgewogen beschrijving van het bombardement is te vinden op Geschiedeniszeeland.nl Dit geeft een totaal ander beeld dan de fragmentarische verslagen van diverse ooggetuigen. Voor mij een eye-opener.

Verschillende activiteiten rond de herdenking van het bombardement zijn door SCEZ gegroepeerd. De gemeente Middelburg en het Zeeuws Archief besteden ook veel aandacht aan de 70 jarige herdenking. Onder de noemer Het vergeten bombardement is alles bij elkaar gebracht.

Als Zeeuwse Bibliotheek zijn we op veel manieren betrokken bij activiteiten. Jaarlijks komen er groepen scholieren in het kader van een project over het bombardement binnen het omgevingsonderwijs. In een vitrine liggen dan onder meer de resten van een verbrand Middeleeuws boek uit de voormalige Provinciale Bibliotheek. Foto’s van het bombardement zijn te zien via  Beeldbank Zeeland, boeken via de catalogus en ook verwijzingen naar tijdschriftartikelen. Op de tweede verdieping is van 27 april t/m 19 juni een expositie over het bombardement op Middelburg. Van 4 mei t/m 26 juni is de schatkamervitrine op de eerste verdieping gevuld met documentatie over de Tweede Wereldoorlog.

Persoonlijk ken ik de verhalen over het bombardement van mijn ouders, oom en tante. Zoals velen waren ze gevlucht uit de stad en bivakkeerden in een schuur. Veel indruk maakte het branden en instorten van de Lange Jan. Thuisgekomen bleek het huis van de familie Klaver gespaard. Wel moest mijn opa veel dakpannen en ruiten herstellen. Met mijn oom mag ik naar de bijeenkomst van de Ooggetuigen in het oude stadhuis. Het lijkt me bijzonder om op die manier betrokken te zijn bij een gebeurtenis die veel sporen heeft nagelaten.

Een van die sporen is verwerkt in het kunstproject De Explosie van de kunstenaar Ko de Jonge. De Stenen des aanstoots, die overal in de stad te vinden zijn, komen uit de gevel van de voormalige Provinciale Bibliotheek.

1877393933_58262fd800

Cocky Klaver, Zeeuws Documentatiecentrum